Historie

1913-1940: De eerste Ewijkse balwentelingen
Ondanks dat v.v. Ewijk pas in 1944 opgericht is, wordt de voetbalsport al sinds het begin van de 20e eeuw in Ewijks verenigingsverband beoefend. In 1913 zag de eerste Ewijkse voetbalclub namelijk het levenslicht: D.E.S., Door Eendracht Sterk, genaamd.

Uit een kopie van het jaarverslag van D.E.S. uit 1916 blijkt onder meer dat de contributie destijds één gulden bedroeg. Het bestuur bestond in 1916 uit voorzitter H.J. Tromp, secretaris-penningmeester W. Jacobs, kas-controleur G. de Leeuw en de overige bestuursleden J.A. van Gaalen en B. van Hulst. Volgens het betreffende jaarverslag genoot “de Vereeniging een goed aanzien bij de burgerij, getuige de groote toetreding als Donateur of erelid”. In 1916 telde D.E.S. 34 leden, 8 donateurs en 56 ereleden. Als dank voor hun steun werd hun een concert aangeboden, “hetwelk schitterend is geslaagd én door de belangrijke opkomst én door het door de spelers gepresteerde”. Uit het verslag blijkt tevens dat de voetballers niet zelf over schoenen beschikten, maar dat de club een voorraad aanhield.

In maart 1916 besloot D.E.S. toe te treden tot de “Roomsch-Katholieken Voetbal Bond”. In het jaarverslag is nog een kritische noot t.a.v. deze bond te lezen: “Over het algemeen viel de werking van dezen bond tegen. Grootendeels vindt dit zijn oorzaak wel hierin, dat ons gewest te ver verwijderd is van het brandpunt der R.K.V.B.-beweging. Ook de strenge bepalingen en zware straffen gepaard met eene zeer uitgebreide administratie en correspondentie deden geen goed aan de zaak. ’t Is te hopen dat de leden van genoegsamen organisatiegeest zijn doordrongen om den R.K.V.B. mede in stand te helpen houden”.

Het seizoen 1915-1916 eindigde D.E.S. op de tweede plaats. Zoals nu vele verliezers de schuld van hun nederlaag bij de scheidsrechter neerleggen, blijkt dat ook aan het begin van de vorige eeuw de arbitrage al aan kritiek onderhevig was: “Geregeld had het 1e elftal de leiding en men vleide zich reeds met de hoop kampioen te worden, toen op het laatste oogenblik nog een wedstrijd, door een al te partijdige leiding, verloren werd en zoodoende al haar hoop in rook zag vervliegen”. In totaal werden er liefst 23 vriendschappelijke wedstrijden gespeeld, waarvan er 12 gewonnen, 4 gelijkgespeeld en 9 verloren werden. Overigens was het bestuur al met al tevreden over het seizoen: “Alles te samen genomen is de zaak te beschouwen als uitmuntend. Wanneer de activiteit van het bestuur en de toewijding der leden zoo blijven, dan kan de Vereeniging de toekomst met vertrouwen tegemoet zien en zal zij haar devies “Door Eendracht Sterk” geen oneer aan doen”.

Het jaarverslag stond overigens vooral in het teken van de mobilisatie. Telkens opnieuw werden er meer en meer leden onder de wapenen geroepen; zij bleven hun club echter wel trouw, maar konden door hun militaire verplichtingen niet altijd aanwezig zijn. Desondanks steeg het aantal spelende leden in 1916 van 26 naar 34; in het seizoen 1916-1917 konden er dan ook twee teams ingeschreven worden.

Van de periode hierna is helaas weinig bekend; in 1940 moesten de voetbalactiviteiten onder druk van het oorlogsgeweld gestaakt worden.

1944-1958: Een nieuwe start
Nadat het voetbal door de oorlog langdurig stilgelegen had, besloten enkele Ewijkenaren in 1944 dat het tijd was om D.E.S. nieuw leven in te blazen. Wim Lutkie nam met Aalt Bosch, Toon Groeneman, Toon van Hulst, Grad Jacobs en Hent Tromp het initiatief om in café Het Witte Huis van de familie Tromp bij elkaar te komen. Een zeer moedig initiatief, aangezien zo’n bijeenkomst in de oorlogsjaren door de Duitse bezetter als samenscholing beschouwd werd, hetgeen ten strengste verboden was. Desondanks waren er bij de oprichting, op 12 juni, liefst tachtig (80!) personen aanwezig.
In eerste instantie werd de club bij de KNVB aangemeld onder de naam D.E.S.; er waren echter al meer clubs met deze naam, waardoor de KNVB besloot deze naam niet te accepteren. De voetbalbond kwam vervolgens zelf met de naam R.K.V.V. Ewijk. Een collecte in Ewijk leverde het voor die tijd enorme bedrag van liefst 3.000 gulden op; daarnaast werd er ook spek en boter ingezameld, hetgeen later in Nijmegen geruild werd tegen wedstrijdballen.

Het is overigens niet geheel duidelijk waar de clubkleuren oranje-zwart vandaan komen: waarschijnlijk zijn zij overblijfselen van de feestvreugde in het net bevrijde Ewijk. De eerste shirts werden gemaakt van een lappenschip dat in de oorlog beschoten en op een krib vastgelopen was. Doordat dat schip in het water lag, waren de lappen stof nat en werden die op het weiland van Daniëls te drogen gelegd. Aan de kant van de dam werden er verschillende stukken afgeknipt, waarvan later shirts gemaakt werden.

Op 15 augustus werd de openingswedstrijd gespeeld tegen Hernania, die met liefst 1-9 verloren werd. Verder werden er in het begin vooral vriendschappelijke wedstrijden afgewerkt tegen teams van de Amerikaanse, Canadese en Engelse bevrijders. Dat was op zich al uniek, maar nog meer bijzonder was dat deze wedstrijden gespeeld werden terwijl er aan de overkant van de Waal nog geschoten werd!
Deze wedstrijden werden afgewerkt in een weiland, dat de naam “voetbalveld” nauwelijks mocht dragen: in dit weiland graasden namelijk normaal de koeien en een paard van de familie Daniëls. Het lag aan de Van Heemstraweg, op de plek waar nu de opritten naar de brug van de A50 lopen. Nadat de flatsen van de beesten opgeruimd waren, kon er gevoetbald worden. Overigens werd het veld met van parachutes afkomstige doeken afgehangen, zodat niet-betalende bezoekers de wedstrijden niet gratis konden aanschouwen. Een eigen clubruimte was er destijds nog niet; er kon omgekleed worden bij Wout Reuvers, die de achterzijde van het café en de zolder beschikbaar stelde. Ook mocht er gebruik gemaakt worden van het toilet. Douchen kon er echter niet, maar wel was er een wasgelegenheid: een aanrechtje, waar tevens enkele emmers met water volgepompt konden worden. De opkamer was voor de Ewijkse spelers, terwijl de tegenpartij “slechts” de zolder mocht gebruiken.

Bekende spelers uit de beginperiode waren Wim Lutkie, “de lange Bos”, Bernhard Heijmans, Dolf van Gaalen, Geer Jacobs, Mozes van Gaalen, Roet Moors, Hentje de Waal, Toon de Klein, Henk Ceelen en Cor Tromp. Als training werden er gymnastieklessen gegeven om de spieren los te maken en de spieren op peil te houden. Deze training werd gegeven door Van der Bomen. De spelers reisden meestal op de fiets naar de uitwedstrijden; als het te ver weg was werd er echter een vrachtwagen geleend van Thé van den Heuy of van Men Megens, de melkrijder uit Winssen.

In 1947 begon de competitie weer te draaien en Ewijk was daarin redelijk succesvol. Na diverse malen gepromoveerd te zijn, werd zelfs de hoofdklasse van de afdeling Nijmegen bereikt.

1958-1996: Verdere groei
Nadat er zo’n twintig jaar aan de Van Heemstraweg gevoetbald was, werd er op zoek gegaan naar een nieuwe accommodatie. Er werd in eerste instantie een nieuw veld uitgezet bij de Brugstraat/Veluwstraat/Dijkopgang, maar dit werd door de KNVB afgekeurd. In 1958 verhuisden de velden alsnog en wel naar De Blatenplak, waar ze nu nog steeds liggen. Ook hier was het, zoals voorheen, aanvankelijk improviseren: aan het Schoolpad stond een blokhut van de wandelclub, waar een gedeelte was afgeschermd dat gebruikt werd als kleedlokaal. Er waren echter nog geen douches; wel was er een pomp waaronder de spelers zich konden wassen. Jaren later beschikte Ewijk eindelijk over een eigen accommodatie, toen er op het sportcomplex aan de Blatenplak kleedkamers en een kantine gebouwd werden.

Overigens groeide de club in deze jaren niet alleen qua accommodatie, maar ook qua ledenaantal: bij het 40-jarig jubileum in 1984 telde Ewijk 97 senioren, 82 junioren en 14 dames, oftewel 6 senioren-, 6 juniorenelftallen en een damesteam.

Op sportief gebied presteerden de Ewijkse voetballers gedurende deze periode jarenlang op een constant niveau: meestal kwamen ze uit in de 1e klasse van de Afdeling Nijmegen, afgewisseld met een enkele keer 2e klasse of Hoofdklasse. In 1990 wierp de groei zijn vruchten af, toen Ewijk onder trainer Jos Janssen kampioen werd in de 1e klasse van de Afdeling Nijmegen. Onder zijn leiding vormden de Ewijkenaren Marius, Ed en Marco Boerakker, Eef Bos, Jos Bruisten, Richard Driessen, William van Gemert, Geert en Karel Hendriks, Piet van Haalen, Jan Jacobs, Mathieu en Antwan Janssen, Theo Schaminée, Henk Vanetie, William Verploegen dat jaar een nauwelijks te kloppen team. Overigens kan ook de rol die de haast legendarische hoofdsponsor Tonny van Oijen hierbij speelde niet onvermeld blijven; mede dankzij zijn steun en support was de teamgeest destijds zeer goed.

Seizoen 1995-1996: Een historisch jaar
Het jaar 1996 is voor v.v. Ewijk om meerdere redenen een historisch jaar. Zo promoveerde het 1e elftal destijds naar de nieuw gevormde 5e klasse. Nadat Ewijk enkele jaren na het kampioenschap van 1990 weer degradeerde naar de 1e klasse, eindigde het in 1996 op gelijke hoogte met Woezik. Na enkele beslissingswedstrijden bleek Woezik uiteindelijk de sterkste en mocht het zich kampioen noemen. Voor Ewijk resteerde “slechts” promotie naar de 5e klasse. Deze klasse was nieuw, nadat de KNVB de onderafdelingen (waaronder de Hoofd-, 1e en 2e klasse afdeling Nijmegen) besloot op te heffen en samen te voegen tot de 5e en 6e klasse.

De promotie naar de 5e klasse was niet het enige historische feit in 1996: tevens werd destijds het 50-jarige jubileum drie dagen lang groots gevierd. Illustratief voor de groei die Ewijk tot dan had doorgemaakt, was het feit dat het destijds liefst 270 leden had, die uitkwamen in 7 senioren- en 10 jeugdteams.

Tot slot was het seizoen 1995-1996 om nog een derde reden een historisch jaar: de nieuwe kantine werd in dat jaar in gebruik genomen. Alhoewel menig (oud-)voetballer af en toe met weemoed terug zal denken aan de tijd waarin hij tot diep in de avond/nacht doorzakte in de immer gezellige oude houten kantine met de welbekende losse taptijttegels, was het hoognodig dat dit twintig jaar oude gebouw vervangen werd door nieuwbouw. Doordat een groot aantal Ewijkenaren vrijwillig meehielp bij de bouw, konden de kosten laag gehouden worden. Echter, zonder de bijdrage van vele sponsors had de nieuwe kantine destijds niet gerealiseerd kunnen worden.

1998-2008: Te groot voor servet, te klein voor tafellaken
De periode vanaf 1998 kenmerkt zich door het gependel van Ewijk 1 tussen de 4e en de 5e klasse; Ewijk lijkt wel te groot voor servet, maar vooralsnog te klein voor tafellaken. In 1998 werd, na de promotie in 1996, de volgende sportieve mijlpaal bereikt in de Ewijkse voetbalgeschiedenis: onder leiding van trainer Coen Bakker promoveerde het 1e via de nacompetitie naar de 4e klasse, hetgeen Ewijk nog nooit gelukt was. Helaas was het verblijf in de 4e klasse slechts van korte duur: meteen in het eerste seizoen degradeerde Ewijk weer naar de 5e klasse. Na in 2000 nipt naast promotie gegrepen te hebben, werd Ewijk in 2001 kampioen. Trainer Coen Bakker beschikte dat jaar over een perfecte mix van jong aanstormend talent en ervaren routiniers met spelers als Ed en Marco Boerakker, Ronnie en Twan Grisel, Dennis Hoogendoorn, Jan Jacobs, Michiel van Kaam, Mark Kouwenberg, Freek en Joost Roelofs, Raymond van Rossum, Mathieu en Mike Tromp, Pieter van de Ven, Joost en Sjors van Zuylen.

Ditmaal was het verblijf in de 4e klasse van langere duur: in 2003 eindigde Ewijk onder trainer Fred Razing zelfs als 3e en miste het de nacompetitie op een haar na. Na het afscheid van enkele routiniers en trainer Fred Razing, degradeerde het 1e in 2004 helaas op de laatste speeldag naar de 5e klasse. In 2004-2005 kwam trainer Fred Razing terug, na een afwezigheid van een jaar. Zijn komst leidde tot de nacompetitie, waarin Ewijk afrekende met DVSG en Elistha. Helaas kon Ewijk, inmiddels onder trainer Arie Kraaijveld, ook het daaropvolgende seizoen het niet bolwerken in de 4e klasse: een zeer jong en onervaren team eindigde als laatste en degradeerde derhalve weer naar de 5e klasse. In 2007 en 2008 draaide Ewijk weliswaar bovenin mee, maar wist het geen promotie te bewerkstelligen.

2008-heden: Fundament voor verdere groei
Vanaf het begin van de 21e eeuw vertoonde v.v. Ewijk een gestage groei; gezien de woningbouw die destijds in Ewijk op stapel stond, was de verwachting dat het ledental nog verder zou stijgen zeker gerechtvaardigd. Dit, alsmede de sterk verouderde accommodatie en de almaar slechter worden velden, zette het bestuur (samen met de gemeente) er toe aan na te gaan denken over een ingrijpende renovatie van Sportpark De Blatenplak. In 2008 werd hiertoe een begin gemaakt: het toenmalige “bijveld” (parallel gelegen aan het fietspaadje aan de Blatenplak) werd vervangen door een splinternieuwe kunstgrasmat, aangezien dit veld door de intensieve belasting elk jaar slechter werd. Daarnaast werd het trainingsveld – dat elk jaar in een mum van tijd omgetoverd was in een kale vlakte – vervangen door een kunstgras pupillenveld. Was er in het begin nog enige scepsis over en zelfs weerstand tegen de kunstgrasvelden, al tijdens het eerste seizoen was een ieder lovend en wilde elk team het liefst op kunstgras spelen.
Nadat de velden gerenoveerd waren, was het de beurt aan het clubgebouw. Al in 2006/2007 had de KNVB bij een accommodatiecheck aangegeven dat het gebouw (alsmede de velden) niet voldeed aan de KNVB-normen. In 2008 werd dan ook begonnen met een uitbreiding van het clubgebouw: niet alleen ging het aantal kleedkamers van 6 naar 10, ook werd het clubgebouw uitgebreid met een schitterende bestuurskamer, een apart toiletblok en een grotere opbergruimte. Na deze uitbreiding werden de bestaande kleedkamers gerenoveerd, waarna begin 2010 het compleet vernieuwde gebouw officieel werd geopend. In de zomerstop in 2010 werden vervolgens de laatste puntjes op de i gezet, toen de kantine verbouwd werd en omgetoverd werd in een prachtig kroegje; hiermee was v.v. Ewijk eindelijk klaar voor de toekomst en was een stevig fundament gelegd voor de toekomstige groei!

Behalve qua accommodatie, was v.v. Ewijk op meer fronten volop in beweging: zo werd in 2009 uitgebreid stil gestaan bij het 65-jarig bestaan (zie . Een 3-daags feestweekend werd afgetrapt met een geweldig Ewijks Voetbalgala, dat druk bezocht werd door jong en (erg) oud. Tijdens deze avond werden tevens de Ewijk All Stars bekendgemaakt: het elftal met de beste Ewijk-spelers uit de 65-jarige clubhistorie, samengesteld door een aantal Ewijkse voetbalkenners. De speler met de meeste stemmen werd uiteindelijk Jan Jacobs, die in de jaren ’80 en ’90 furore maakte op de Maas en Waalse velden met zijn onnavolgbare rushes en talloze doelpunten. Het complete team zag er als volgt uit:
-          Keeper: Theo Schaminée
-          Verdediging: Grad van Hulst / Sjaak Roelofs / Ed Boerakker / Wim van Kruisbergen
-          Middenveld: Ben Reuvers / Karel Hendriks / Bart van Hulst / Sjors van Zuylen
-          Aanval: Mike Tromp / Jan Jacobs
Tot beste trainer ooit werd Toon Ruijters nipt boven Coen Bakker verkozen. Bijzonder aan deze avond was overigens dat de opening door de toenmalige voorzitter samen met mevrouw Lutkie, vrouw van de helaas al overleden oprichter Wim Lutkie, werd verricht.